Veilig vaccineren

Leren over Vaccineren. Er zijn afgelopen jaren veel nieuwe inzichten bijgekomen over vaccinaties. Daarbij is gebleken dat honden veel te vaak worden gevaccineerd terwijl ze eigenlijk nog ruim voldoende beschermd zijn. Daarom hanteren wij nu een ander vaccinatieprotocol waarbij we uitgaan van een titerbepaling zodat je hond wel beschermd is maar geen overbodige vaccinaties en vaccinatieschade oploopt.

 

In overleg met verschillende holistische dierenartsen en specialisten in binnen en buitenland hebben wij de afgelopen jaren een schat aan ervaring opgedaan. Deze ervaringen vertalen zich in nieuwe inzichten en deze inzichten willen wij doorvoeren in ons fokprogramma. Voorkomen is beter dan genezen". En een goede preventie begint met goede kennis.

Vaccineren op maat.

Bij de pupjes die tegenwoordig uitvliegen zijn wij al sinds een paar jaar begonnen met het nieuwe protocol. Bij de al wat oudere honden is dat niet altijd het geval geweest. Gelukkig is instappen in het nieuwe protocol op elk moment mogelijk, er wordt namelijk alleen maar minder gevaccineerd en alleen dan wanneer uit een bloed titer test blijkt dat het nodig is.

Vaccineren is namelijk niet zo onschuldig als dat er vaak beweerd wordt, en wat al beschermd is wordt niet beter beschermd door nog een keer te vaccineren.

Afweersystemen van ons lichaam.

Kort door de bocht heeft ons lichaam, en ook dat van onze hond 2, systemen tegen indringers. Tegen virussen hebben we antistoffen en tegen bacteriën zijn onze witte bloedlichaampjes actief. In werkelijkheid zijn beide systemen oneindig veel complexer maar als uitleg voldoet deze voorstelling voorlopig.

Als we een infectie oplopen moet er vastgesteld worden of deze viraal of bacterieel is. Is de infectie bacterieel dan komen de witte bloedlichaampjes in actie en verwijderen de veroorzaker. Is de aanvaller hardnekkig en kan het lichaam het niet zelf oplossen dan wordt er ondersteund met antibiotica. Is de infectie viraal dan komt een ander deel van ons afweersysteem in actie. Bij de geboorte en vlak daarna krijgen de jonge pups antistoffen mee, uit de placenta en even later uit moedermelk. Deze antistoffen beschermen tegen virussen. Als dit systeem haar taak niet aan kan dan worden antivirale middelen toegepast. Deze werken fundamenteel anders dan antibiotica.

Vaccineren is nodig, maar teveel is overbodig

Als een jonge pup gevaccineerd wordt, kunnen de lichaamseigen passieve antilichamen, de zogenaamde maternale bescherming, het vaccin ongedaan maken. Daarnaast kan het vaccin de passieve antilichamen verminderen. Dit is de reden dat wij onze pups zo laat mogelijk vaccineren. De maternale bescherming is dan al verminderd en een vaccin heeft een grotere kans dat het aanslaat. Door middel van een meting, de zogenaamde titerbepaling, kan gemeten worden of het lichaam antistoffen heeft aangemaakt tegen de ziekte. Zolang de antistoffen zichtbaar zijn is het lichaam beschermd. Het her-vaccineren van een lichaam dat beschermd is is zinloos en zal het lichaam in feite alleen verzwakken. Dit is de reden dat we tegenwoordig periodiek meten door middel van vaccicheck en niet standaard vaccineren.

Het puppyleven begint met van nature aanwezige afweerstoffen die de pup meekrijgt door de biest van de moeder. In het standaard vaccinatieprotocol wordt gevaccineerd op 6, 9 en op 12 weken. Er werd van uitgegaan dat een pup daarmee voldoende beschermd was. Daarna volgde jaarlijks een herhaling van de cocktail (DHP), standaard aangevuld met een vaccinatie tegen de ziekte van Weil (L2 of L4) en kennelhoest (Pi). Uit onderzoek is gebleken dat bovenstaande aanname heel vaak niet klopt en veel jonge honden geen adequate bescherming tegen de drie belangrijkste ziektes hebben. De bijwerkingen van de L4 vaccinatie is afgelopen jaren gebleken dat honden daar veel last van hebben (vaccinatieschade van organen, lethargie, maag darmontsteking) dat wij besloten hebben deze af te raden.

 

Het nieuwe protocol

Op overleg met holistische dierenarts hebben wij een basisprotocol opgesteld. Dit protocol gebruiken wij als richtlijn, maar elk nestje wordt individueel bekeken.

Om te beginnen starten wij rond de leeftijd van 7, 8 weken met een VacciCheck titerbepaling. Een klein beetje bloed wordt afgenomen en op een teststrip ontwikkeld. Hieruit krijgen we informatie over de nog aanwezige maternale bescherming. Pas zodra deze over de hele linie terug loopt starten we het vaccineren. Afhankelijk van de nog aanwezige bescherming maken wij een individuele keuze hoe te vaccineren.

Dat kan zijn de drie entingen, het standaard protocol maar later uitgevoerd, twee, de alleen de eerste en de laatst uit het standaard protocol of slecht één vaccinatie, dit is dan alleen de DHP. Afhankelijk van welke weg is bewandeld kunnen we dan na een maand een vaccicheck titerbepaling uitvoeren om te controleren of de pup beschermd is, of na één jaar om te kijken of de vaccinaties zijn aangeslagen.

Meer lezen over vaccinaties en de titerbepaling vind je hier